'Digitaal geboren' by Marina (verbeeldingskr8)
Digitaal geboren informatie heeft een korte halfwaardetijd. Het duurt niet al te lang of haar bestandsformaat is compleet uit de mode en de benodigde soft- en hardware om haar te kunnen bekijken zijn in onbruik geraakt. Gelijk op haar eerste levensdag staat digitaal geboren informatie al hoog op de lijst van bedreigde informatiesoorten. Sommige digitale objecten hoger dan andere. Heb jij digitaal geborenen die je koestert en over 10 jaar nog wilt kunnen bekijken?
Marina
Wouter Gerritsma heeft dit aardse leven verlaten. En dat doet onnoemelijk veel pijn.
Wouter was belangrijk voor mij. Hij was al mijn supporter vóór ik hem ooit had gezien. Hij beschikte over het talent om de potentie van iemand te zien, te benoemen, aan te moedigen en te versterken. En eenmaal in zijn hart, kwam je er niet meer uit.
Ik dank je daarvoor, Wouter.
Vanuit het diepste van mijn hart waar ik jou steeds zal blijven ontmoeten.
Je hebt mijn wereld mooier gemaakt.
Nachtegaal
Een nachtegaal
heeft heel wat
noten op zijn zang
Zo kan hij zuiver zingen
Zo kan hij zuiver zingen
en soms maakt dat
mensen bang
Een nachtegaal
kun je niet temmen
dat vliegt hem naar de keel
Een nachtegaal
die laat je zingen
die past niet in 't gareel
Een nachtegaal
moet je herkennen
en durven laten gaan
De kooi 'n stukje open doen
en open laten staan
De kooi 'n stukje open doen
en open laten staan
Vertrouwen dat hij terugkeert
en harten heeft geraakt
en met elk gezongen lied
en harten heeft geraakt
en met elk gezongen lied
de wereld mooier heeft gemaakt
Marina
Mijn broer Paul (53) is op een haar na blind. Tijdens zijn puberteit zag ik zijn gezichtsvermogen zienderogen achteruit rennen. De oogarts constateerde kegel- en staafdystrofie. Als je deze aandoening hebt, gaan de twee typen lichtgevoelige cellen waarmee ons netvlies bezaaid is - de kegeltjes en de staafjes - langzaam kapot. Dat komt omdat Paul een eiwit - dat schadelijke stoffen uit deze cellen zou moeten verwijderen - niet aanmaakt. En zodoende vielen zijn kegeltjes en staafjes in de loop der jaren één voor één uit. Eerst in het centrum van zijn zien en toen steeds meer naar de buitenranden. Ik kon mijn broer nooit meer recht in zijn ogen kijken en Paul moest zich aanpassen aan een leven zonder een venster op de buitenwereld.
Op dit moment geeft Paul een kijkje in zijn wereld door gastcolleges te geven aan leerlingen van basisscholen, middelbare scholen, ROC's en hogescholen. En ook als gids bij In Het Donker Gezien is hij helemaal in zijn element.
Voor mijn project 'Wat Smaak Je Menu' vroeg ik Paul mij eens te vertellen hoe eten smaakt als je het niet ziet. Hij gaf me een kijkje in zijn keuken:
Paul, hoe krijg jij trek in
eten?
Als ik ergens voorbij loop en ik ruik lekker brood, dan
krijg ik vanzelf trek. Verder krijg ik trek als ik andere mensen hoor praten
over eten. Door de woorden dus. Als iemand zegt ‘ik pak ff een stuk chocolade’
of ‘ik ga een lekker toetje pakken’ dan loopt het water me in de mond. En natuurlijk
begint ook míjn maag op een gegeven moment gewoon te knorren. Net als die van
jou.
Hoe eet je als je niet ziet wat je eet?
Hoe eet je als je niet ziet wat je eet?
Als ik een biefstuk bestel in een restaurant dan heb ik nog
wel een beeld bij hoe dat biefstukje eruit ziet en smaakt. Dat haal ik uit mijn
geheugen. Maar om te weten wat voor groenten ernaast liggen, zal ik ze toch echt
moeten proeven. Laatst proefde ik een vrucht en vroeg ik of het citroen was.
Als iedereen dan lacht en zegt dat het mango is dan blijft dat toch pijnlijk.
Soms is het heel lastig om raak te prikken met je vork. Vooral bij kleine dingen zoals doperwtjes. Die vallen dan van je vork af en dan hap ik geregeld lucht. Ik probeer natuurlijk netjes met vork en mes te eten, maar thuis eet ik ook wel eens met mijn handen.
En ook al zie ik geen kleuren meer, toch vul ik wel in dat worteltjes oranje zijn. Omdat ik als kind wel kleuren heb gezien, maakt dat mijn smaakbeleving toch weer heel anders dan van iemand die blind is geboren.
Soms is het heel lastig om raak te prikken met je vork. Vooral bij kleine dingen zoals doperwtjes. Die vallen dan van je vork af en dan hap ik geregeld lucht. Ik probeer natuurlijk netjes met vork en mes te eten, maar thuis eet ik ook wel eens met mijn handen.
En ook al zie ik geen kleuren meer, toch vul ik wel in dat worteltjes oranje zijn. Omdat ik als kind wel kleuren heb gezien, maakt dat mijn smaakbeleving toch weer heel anders dan van iemand die blind is geboren.
Kook je zelf?
Ik kook vaak makkelijke gerechten. Rijst, kant en klare saus, een
voorgesneden zakje groenten. Dat soort dingen. Maar ik schil ook aardappelen en
maak bloemkool en broccoli schoon. Ik voel gewoon of de schil van de aardappel
af is.
Mijn grootste kookblunder was wel dat ik aardappelpureepoeder naast de pan strooide en dat begon aan te branden. Ook heb ik ooit geprobeerd bevroren kip te snijden en toen schoot het mes uit, zo in mijn vinger. Ik was best even in paniek want er was bloed maar ik kon niet zien hoe ernstig de wond was. Ik snijd nu alleen nog ontdooid vlees.
Hoe doe jij boodschappen?
Als ik boodschappen doe, loop ik naar de servicebalie van de supermarkt en dan loopt er iemand met me mee. Ze kennen me inmiddels wel. Eenmaal thuis kan ik natuurlijk niet zien wat ik precies heb gekocht. Ik kan mijn aankopen onderscheiden op basis van vorm én onthouden waar ik ze heb neergezet. Maar als ik twee blikjes van hetzelfde formaat heb gekocht, is dat best lastig. Ik doe dan een elastiekje om één van de twee zodat ik bijvoorbeeld weet welke de witte en welke de bruine bonen zijn. Je snapt dat het voor mij belangrijk is om mijn voedselvoorraad niet te groot te maken.
Er bestaat trouwens een apparaatje* waarmee je labels kunt maken met je stem. Je spreekt in wat voor voedsel het is, er komt een streepjescode uit en die plak je op de verpakking. Als je later langs deze streepjescode gaat met je apparaatje, hoor je wat je zelf hebt ingesproken. Maar dat moet je bij elk blikje opnieuw doen en dat is best wat werk. Daarom werkt een elastiekje voor mij beter.
Gebruik je ook hulpmiddelen in de keuken?
Ik heb een pratende weegschaal, maar die gebruik ik eigenlijk niet zoveel. Als ik bijvoorbeeld rijst kook, dan neem ik een glas en vul die tot de rand. Dat is gewoon de hoeveelheid rijst die ik nodig heb.
Wat wel handig is, is mijn pratende volume meter. Dat is een maatbeker die me vertelt hoeveel millimeter vloeistof er in de maatbeker zit. Daarnaast kun je natuurlijk ook heel goed aan het geluid horen hoe vol een beker is. Als je een beker volschenkt, verandert de toonhoogte. Let maar eens op.
Mijn grootste kookblunder was wel dat ik aardappelpureepoeder naast de pan strooide en dat begon aan te branden. Ook heb ik ooit geprobeerd bevroren kip te snijden en toen schoot het mes uit, zo in mijn vinger. Ik was best even in paniek want er was bloed maar ik kon niet zien hoe ernstig de wond was. Ik snijd nu alleen nog ontdooid vlees.
Hoe doe jij boodschappen?
Als ik boodschappen doe, loop ik naar de servicebalie van de supermarkt en dan loopt er iemand met me mee. Ze kennen me inmiddels wel. Eenmaal thuis kan ik natuurlijk niet zien wat ik precies heb gekocht. Ik kan mijn aankopen onderscheiden op basis van vorm én onthouden waar ik ze heb neergezet. Maar als ik twee blikjes van hetzelfde formaat heb gekocht, is dat best lastig. Ik doe dan een elastiekje om één van de twee zodat ik bijvoorbeeld weet welke de witte en welke de bruine bonen zijn. Je snapt dat het voor mij belangrijk is om mijn voedselvoorraad niet te groot te maken.
Er bestaat trouwens een apparaatje* waarmee je labels kunt maken met je stem. Je spreekt in wat voor voedsel het is, er komt een streepjescode uit en die plak je op de verpakking. Als je later langs deze streepjescode gaat met je apparaatje, hoor je wat je zelf hebt ingesproken. Maar dat moet je bij elk blikje opnieuw doen en dat is best wat werk. Daarom werkt een elastiekje voor mij beter.
Gebruik je ook hulpmiddelen in de keuken?
Ik heb een pratende weegschaal, maar die gebruik ik eigenlijk niet zoveel. Als ik bijvoorbeeld rijst kook, dan neem ik een glas en vul die tot de rand. Dat is gewoon de hoeveelheid rijst die ik nodig heb.
Wat wel handig is, is mijn pratende volume meter. Dat is een maatbeker die me vertelt hoeveel millimeter vloeistof er in de maatbeker zit. Daarnaast kun je natuurlijk ook heel goed aan het geluid horen hoe vol een beker is. Als je een beker volschenkt, verandert de toonhoogte. Let maar eens op.
Veel mensen denken dat blinden en slechtzienden beter kunnen ruiken en horen.
Maar is dat ook waar?
Nee, blinden en slechtzienden hebben niet persé een betere reuk of gehoor. Het zijn namelijk net normale mensen. Ook bij normale mensen heeft de één een betere reuk of een beter gehoor dan de ander. Wel ben je als blinde of slechtziende natuurlijk meer afhankelijk van deze zintuigen, maar dat wil niet zeggen dat ik beter kan ruiken of horen dan jij.
Wat zie jij als voedselinnovatie voor blinden en slechtzienden?
Nee, blinden en slechtzienden hebben niet persé een betere reuk of gehoor. Het zijn namelijk net normale mensen. Ook bij normale mensen heeft de één een betere reuk of een beter gehoor dan de ander. Wel ben je als blinde of slechtziende natuurlijk meer afhankelijk van deze zintuigen, maar dat wil niet zeggen dat ik beter kan ruiken of horen dan jij.
Wat zie jij als voedselinnovatie voor blinden en slechtzienden?
Het zou fijn zijn als er braille op voedsel etiketten zat.
Maar ik snap wel dat de markt daarvoor te klein is. Op medicijnen zit wél standaard braille. Dat
komt omdat het risico bij verkeerd medicijngebruik natuurlijk een stuk groter
is dan wanneer je een keertje witte in plaats van bruine bonen eet.
* Er zijn aardig wat keukengadgets voor blinden en slechtzienden. Zie bijvoorbeeld de slechtziendenshop, de winkel met zorg en de producten van world wide vision.
--
Naschrift:
Ook al ken ik Paul al mijn hele leven, door hem een ander soort vragen te stellen dan normaal kreeg ik ook andere antwoorden dan normaal en leerde ik dingen die ik nog niet wist. Dus denk je dat je iemand door en door kent? Stel hem of haar eens wat vragen over een nieuw onderwerp. Perspectiefverbreding gegarandeerd! :-)
Marina
Gisteren was ik bij Gruppo Corso. Tussen de etalagepoponderdelen zocht ik een model die mijn breadphones zou willen dragen. En zie, ze was bereid : -)
Ik had wel de hele dag rond kunnen lopen tussen de talloze rijen ernstig kijkende etalagepoppen in zoveel soorten als er maten zijn.
Marina
Paardenbloemen hebben me nooit erg kunnen charmeren. Ik liep er gewoon aan voorbij. Zo alledaags en gewoontjes. Voer voor paarden, nietwaar? Totdat ik er dan toch maar eens een fotootje aan waagde en op slag van mening veranderde. Paardenbloem? Welnee. Het is eerder een goudlokje!
Blijkbaar maakt het voor mijn waardering van deze bloem uit of ik haar als alledaags paardenvoer zie of als 'photo opportunity'. Een kwestie van perspectief.
De paardenbloem blijkt in Nederland naar diverse volksnamen te luisteren zoals leeuwentand, pissebloem, molsla, wilde chicorei, pluimpje en uitblazertje. Uiteindelijk komt er maar één naam in het woordenboek. Opdat we weten waar we het over hebben.
Welke ene naam krijgt de paardenbloem in andere landen, vroeg ik me af.
Welke naam won ooit die allesbeslissende etappe naar het woordenboek?
Duitsers, Italianen, Spanjaarden en Noren blijken de bloem bij voorkeur 'leeuwentand' te noemen (Löwenzahn, Dente die leone, Diente de Léon, Løvetann). Dat is toch een stukje heroïscher dan paardenbloem ("Hoezo leeuwentand", moeten de nuchtere Hollanders gedacht hebben. "We hebben hier geen leeuwen. Wél paarden").
In het oude Rome heette de paardenbloem dandelion. In Engeland - en in landen met een Engels koloniaal verleden - leeft deze naam tot op de dag van heden voort. En pas sinds vandaag realiseer ik me dat 'dandelion' óók leeuwentand betekent. Dente is tand in het Latijn en lion is leeuw. Even etymologisch samentrekken en de dandelion is geboren.
In andere landen heeft díe ene naam gewonnen die iets vertelt over de werking van de paardenbloem. In het Frans staat de paardenbloem als Pisselit te boek, wat letterlijk "plassen in bed" betekent. Dat komt omdat de paardenbloem een diureticum is. De Polen geven de voorkeur aan Mniszek lekarski wat "medische pluisbal" betekent.
Blijkbaar maakt het voor mijn waardering van deze bloem uit of ik haar als alledaags paardenvoer zie of als 'photo opportunity'. Een kwestie van perspectief.
De paardenbloem blijkt in Nederland naar diverse volksnamen te luisteren zoals leeuwentand, pissebloem, molsla, wilde chicorei, pluimpje en uitblazertje. Uiteindelijk komt er maar één naam in het woordenboek. Opdat we weten waar we het over hebben.
Welke ene naam krijgt de paardenbloem in andere landen, vroeg ik me af.
Welke naam won ooit die allesbeslissende etappe naar het woordenboek?
Duitsers, Italianen, Spanjaarden en Noren blijken de bloem bij voorkeur 'leeuwentand' te noemen (Löwenzahn, Dente die leone, Diente de Léon, Løvetann). Dat is toch een stukje heroïscher dan paardenbloem ("Hoezo leeuwentand", moeten de nuchtere Hollanders gedacht hebben. "We hebben hier geen leeuwen. Wél paarden").
In het oude Rome heette de paardenbloem dandelion. In Engeland - en in landen met een Engels koloniaal verleden - leeft deze naam tot op de dag van heden voort. En pas sinds vandaag realiseer ik me dat 'dandelion' óók leeuwentand betekent. Dente is tand in het Latijn en lion is leeuw. Even etymologisch samentrekken en de dandelion is geboren.
In andere landen heeft díe ene naam gewonnen die iets vertelt over de werking van de paardenbloem. In het Frans staat de paardenbloem als Pisselit te boek, wat letterlijk "plassen in bed" betekent. Dat komt omdat de paardenbloem een diureticum is. De Polen geven de voorkeur aan Mniszek lekarski wat "medische pluisbal" betekent.
En zo gaf deze paardenbloem me niet alleen een mooie 'photo opportunity' maar ook het besef dat 'de dingen bij hun naam noemen' die dingen behoorlijk tekort kan doen. Pas met alle volksnamen en de bijbehorende perspectieven bij elkaar komt 'het ding' tot volle bloei.
Marina
Afgelopen weekend was mijn zoon sinds tijden weer eens koekjes aan het bakken. En hij maakte er één speciaal voor mij: een Open Access koekje!
Hoe hij daar zo op kwam?
Afgelopen maanden was ik - onder de radar - bezig met het voorbereiden van de innovatie-track van de Open Science Presidency Conference. Wilma van Wezenbeek schreef er een blogpost over.

Eén van de symbolen die de afgelopen tijd regelmatig in onze huiskamer te vinden was, wat het OA-logo grapje hierboven (door sommige het Open Access aapje gedoopt :-)). Deze komt voor in mijn filmpje 'Opening up research outputs', deed dienst als ansichtkaart in de innovatiekits die ik maakte en was aanwezig op een prachtig rond bord in de 'green room' tijdens de conferentie. Bezoekers konden met mijn OA-aapje op de foto. En dat deed ik zelf natuurlijk ook, met mijn team. Na afloop kreeg ik het mooie witte ronde bord van Wendy mee naar huis. Hoe leuk is dat!
Van links naar rechts:
Jeroen Bosman, Bianca Kramer, Wilma van Wezenbeek,
Astrid van Wesenbeeck, Dirk van Gorp, Jacquelijn Ringersma en ondergetekende.
Jeroen Bosman, Bianca Kramer, Wilma van Wezenbeek,
Astrid van Wesenbeeck, Dirk van Gorp, Jacquelijn Ringersma en ondergetekende.
En toen bakte mijn zoon dit weekend als klap op de vuurpijl zijn 'inverted OA-cookie' voor mij. Ik kan niet beschrijven hoe mooi ik dat vind.
Mijn zoon is al even beelddenkend als ik en keert gemakkelijk beelden om in zijn hoofd. Bij het schrijven van letters is dat wat minder handig maar man, o, man wat levert dat omkeren van beelden een hoop creativiteit op!
Het koekje dat mijn zoon voor me bakte,
het bord met mijn aapje erop.
Het zijn uiteindelijk de zogenaamd kleine dingen die de grootste indruk achterlaten.
Ik ben een gelukkig mens.
Marina
Voor de VOGIN-IP lezing 2016 op 3 maart j.l. verzorgden Bianca Kramer en ikzelf de introductie workshop 'Geef je data een verhaal: data visualisaties zonder programmeerervaring'. Altijd leuk, samenwerken met Bianca!
Het eerste uur ging op aan het aanwakkeren van de datageletterdheid. In het tweede uur werkten we met vrij beschikbare #dataviz tools.
Om een goede ontwerper van data visualisaties te worden, is het zaak bestaande visualisaties te kunnen lezen en beoordelen. Dat deden we aan de hand van een visualisatie waarin de leeftijd van Denzel Washington tijdens één van zijn vele films wordt afgezet tegen de leeftijd van zijn tegenspeelsters. Hieronder zie je hoe verschillende deelnemers deze visualisatie beoordeelden. Hoe je een dataviz beoordeelt is niet objectief. Dat hangt naast de kenmerken van het design ook af van je interesse ín en kennis ván het onderwerp (en zelfs van je stemming op dat moment).
Liked? Learned? Kritisch kijken naar een datavisualisatie tijdens #voginip lezing - met @verbeeldingskr8 pic.twitter.com/ZgeSWadctY— Biⓐnca Kramer (@MsPhelps) March 3, 2016
Vervolgens lieten we onze cursisten zelf een data visualisatie schetsen van een eenvoudige dataset. Gewoon met potlood en papier.
Essentieel gereedschap voor #dataviz #voginip met @MsPhelps pic.twitter.com/5BK8yR5OSO— Marina Noordegraaf (@verbeeldingskr8) March 3, 2016
Dat leidde tot 16 verschillende visualisaties van dezelfde dataset. Toch kon elke dataset gecategoriseerd worden.
Eerst schetsen: 16 verschillende visualisaties van dezelfde datset #voginip met @verbeeldingskr8 pic.twitter.com/Zg5ACeTi7O— Biⓐnca Kramer (@MsPhelps) March 3, 2016
#dataviz exercise with paper, pencil and... physical objects ;-) #voginip w/ @verbeeldingskr8 pic.twitter.com/u4sdINlbuJ— Biⓐnca Kramer (@MsPhelps) March 3, 2016
Al met al een echte workshop, waar de cursisten enthousiast aan het werk gingen om te ontdekken dat er zelfs in twee uur al heel veel mogelijk is. En .. voor de thuisvizzers:
de gehele workshop is goed na te doen door de aanwijzingen in de slides te volgen.
#justdoit
Marina
Mijn zoon Pepijn liep afgelopen week stage bij mijn bedrijf, Verbeeldingskr8. Ik liet hem o.a. een creativiteitsoefening doen die de 'random entry' heet. Je combineert een vraag met een willekeurig woord, beeld, begrip, geluid enzovoort en kijkt of dit tot nieuwe (beeld)associaties leidt. Voor mijn project 'Wat Smaak Je Menu' (een project samen met Editha en Miek) vroeg ik Pepijn 'voedsel' te associëren met een wilekeurig ander begrip. Hij combineerde het met 'muziek' en zag bovenstaande 'gevulde koektrommel' voor zich. Nog even gevulde koeken kopen, de trommel fotograferen en de koek positioneren en .. voilá! Stage-opdracht geslaagd : -)
Marina
Er staat al vijf jaar een 18e kameel op mijn bureau. Ik kocht hem naar aanleiding van deze TED talk van William Ury. Hij noemt ons hierin 'reactiemachines' en vertelt over onze eigenschap de wereld op te delen in twee kampen: je bent voor of tegen asielzoekers, je hebt een hart voor de bibliotheek of niet, je bent pro abortus of pro life. Maar zijn dat wel de goede vragen om te stellen? En brengt het de discussie werkelijk verder? Of blijf je je eigen perspectief downloaden?
Als ik rondjes aan het rennen ben in één perspectief - en ik heb het door :-) - dan tuur ik naar mijn kameel. Op zoek naar een mogelijkheid om te ontsnappen. Op zoek naar de derde kant waar Ury het volgende verhaal over vertelt:
"Het onderwerp van moeilijke onderhandelingen doet me denken aan één van mijn favoriete verhalen uit het Midden-Oosten, van een man die aan zijn drie zonen 17 kamelen achterliet. De eerste zoon schonk hij de helft van de kamelen; de tweede zoon liet hij een derde van de kamelen na; en de jongste zoon kreeg een negende.
De drie zoons begonnen te onderhandelen. 17 is niet te delen door twee. Ook niet door drie of negen. De relatie tussen de broers begon gespannen te worden.
Tot slot, in wanhoop, gingen ze heen en raadpleegden ze een wijze oude vrouw. De wijze oude vrouw dacht lange tijd na over hun probleem. Uiteindelijk kwam ze terug en zei: "Wel, ik weet niet of ik jullie kan helpen, maar in ieder geval, als jullie willen, kunnen jullie mijn kameel krijgen".
En zodoende hadden de broers ineens 18 kamelen. De eerste zoon nam zijn helft - de helft van 18 is negen. De tweede zoon nam zijn derde - een derde van de 18 is zes. De jongste zoon nam zijn negende - een negende van 18 is twee. Dat is 17 kamelen in totaal. Ze hadden één kameel over. Ze gaven het terug aan de wijze oude vrouw".
Ik houd van mijn 18e kameel.
Marina
"Ik heb dat nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik dat wel kan"
Pippi Langkous
Pippi Langkous
Dichtkaarten voor Hugo Besemer
Hugo Besemer maakt gedichten. Hij wilde zijn gedichten als speelkaarten uit kunnen delen. Ik ging op zoek naar rechtenvrije afbeeldingen, maakte ze op met gedichten op de achterkant, liet ze rondstansen en deed ze stuk voor stuk in een mooi kartonnen doosje. Ambachtelijk werkje :-) Bestel ze op de site van Hugo!
Pure moments
Onderschrift: 'With Pure moments I make Wageningen UR's research output ready to harvest'
Pure is het research information system van (o.a.) Wageningen UR. Zij gingen er eind vorig jaar op over. Ik ontwierp deze mok voor de invoerders van de data.
Mitille verheldert
Mitille de Wolf verheldert. Voor haar werk als trainingsacteur ontwierp ik dit visitekaartje.
Zo leuk om de wensen van mensen te mogen vertalen in een passende vorm!
Zo leuk om de wensen van mensen te mogen vertalen in een passende vorm!
Marina


























